| 1: |
Aardappelen schillen en wassen. |
| 2: |
Aardappels in model snijden. |
| 3: |
Blancheer de aardappelen. |
Blancheren is het "beetgaar" koken van groenten. De groente behoudt zijn "bite"
[Sluiten]
|
|
| 4: |
Schep de aardappelen met een schuimspaan uit het kokende water. |
| 5: |
Laat ze uitgespreid afkoelen. |
| 6: |
Bak de afgekoelde aardappelen vlak voor het doorgeven in de boter. |
| 7: |
Bestooi de aardappelen met peterselie en eventueel iets zout. |